Feijenoord
Feijenoord is een bestuurscommissiegebied aan de zuidoever van de Nieuwe Maas. Het telde op 1 januari 2017 74.006 inwoners en heeft een oppervlakte van 6,62 km² (waarvan 1,45 km² water). Ze is vernoemd naar het vroegere eiland Fijenoord, later Feijenoord, dat ingeklemd lag tussen de rivier en het Zwanengat. Het Zwanengat liep voordat de Spoorweghaven halverwege de tweede helft van de 19e eeuw werd aangelegd, van ongeveer de zuidwestelijke punt van het Noordereiland naar het Mallegat, nabij havennummer 1100.

Feijenoord (wijk)

Vergelijk 2018 met 2014 of 2016

Vergelijk 2016 met 2014


De wijk Feijenoord is de eerste uitbreidingswijk van Rotterdam ten zuiden van de Nieuwe Maas. Ze wordt in het westen begrensd door de oude haventerreinen van de Binnenhaven, in het noorden door de Koningshaven en in het oosten door de Nieuwe Maas.
De indeling van de wijk is vooral bepaald door de ligging van de havens en de loop van de voorheen bovengrondse spoorlijn. De belangrijkste verkeersader is Oranjeboomstraat. De Persoonshaven en Nassauhaven zorgen er voor dat een deel van de wijk een schiereiland genoemd kan worden.

Historie

Feijenoord is aan het eind van de 19e eeuw gebouwd als eerste uitbreiding van Rotterdam ten zuiden van de Nieuwe Maas. Bij de bouw hield gemeente Rotterdam zich afzijdig waardoor de kwaliteit van de woningen overwegend laag was. Het werd het afvoerputje van de stad. Zo was er een pesthuis, een weeshuis en een leerlooierij. Pas rond 1970 werd het grootste deel van deze panden gesloopt en vervangen door sociale woningbouw.

Bewoners

De wijk Feijenoord heeft ruim 7.500 inwoners. Hiervan heeft ongeveer 85% een niet Nederlandse achtergrond. Zowel het opleidings- als inkomensniveau loopt achter op het Rotterdamse gemiddelde. Tegelijkertijd heeft de wijk de afgelopen jaren flink wat nieuwe bewoners aangetrokken met een hoger opleidings- en inkomensniveau, met name in het gebied rondom de Feijenoordkade.

Voorzieningen

Er valt genoeg te beleven in de wijk Feijenoord. De centrale wijkvoorziening (Proeftuin Feijenoord) is zich aan het verankeren in de wijk. De integrale programmering voor en door bewoners en professioneel ondersteund, stimuleert bewoners om mee te doen in de maatschappij. Dan is er het prachtige Nassauhavenpark, waar je een terrasje kunt pakken langs de Feijenoordkade met een van de prachtigste uitzichten van Rotterdam. Verder is er een ecologische buurttuin en heeft Unilever een belangrijke vestigingr in de wijk. De watertaxi tot slot heeft er een stopplaats.

  • definitieAantal inwoners
    01/01/2017:
    7.504
    01/01/2015:
    7.193
  • definitieAantal huishoudens
    01/01/2017:
    3.337
    01/01/2015:
    3.229
  • definitieAantal woningen
    01/01/2017:
    2.979
    01/01/2015:
    2.948
  • definitieAantal werkzame personen
    01/01/2017:
    2.675
    01/01/2015:
    2.661

Aantal inwoners

Definitie:
aantal inwoners dat staat ingeschreven in het bevolkingsregister van de Gemeente Rotterdam.

Bron 2018: Gemeentelijke Basisadministratie (GBA); bewerking OBI.
Peildatum 1-1-2017.

Bron 2016: Gemeentelijke Basisadministratie (GBA); bewerking OBI.
Peildatum 1-1-2015.

Aantal huishoudens

Definitie:
een huishouden bestaat uit een of meer personen die een woonruimte bewonen en zelf in hun dagelijks onderhoud voorzien, dus exclusief huishoudens wonend in een instelling (institutionele huishoudens).

Bron 2018: Gemeentelijke Basisadministratie (GBA); bewerking OBI.
Peildatum 1-1-2015.

Bron 2016: Gemeentelijke Basisadministratie (GBA); bewerking OBI.
Peildatum 1-1-2015.

Aantal woningen

Definitie:
aantal verblijfsobjecten met tenminste een woonfunctie en eventueel een of meer andere gebruiksfuncties (bijvoorbeeld winkel of kantoor). Weergegeven is het aantal zelfstandige woningen, dus uitgezonderd wooneenheden met gemeenschappelijke voorzieningen, zoals studentenunits of zorgunits.

Bron 2018: Woningen-Bevolking Onderzoeksbestand (OBI).
Peildatum 1-1-2017.

Bron 2016: Woningen-Bevolking Onderzoeksbestand (OBI).
Peildatum 1-1-2015.

Aantal werkzame personen

Definitie:
werkzame personen zijn alle personen die betaald werk verrichten, ongeacht het aantal uren dat men werkt. Het hier getoonde betreft het aantal personen dat werkzaam is in het getoonde gebied, ongeacht hun woonplaats; men kan dus buiten het getoonde gebied wonen.

Bron 2018: Bedrijvenregister Zuid-Holland; bewerking OBI.
Peildatum 1-1-2017.

Bron 2016: Bedrijvenregister Zuid-Holland; bewerking OBI.
Peildatum 1-1-2015.

Contextindicatoren (type-2)

Functioneel gemengde (centrum)wijken

De functioneel gemengde wijken kenmerken zich met name door het grote aantal werkzame personen dat in de daar gevestigde bedrijven en instellingen werkt in verhouding tot het aantal mensen dat in deze wijken woont. Naast de werkzame personen komen er ook veel bezoekers naar de winkels en culturele voorzieningen in deze wijken. Het aandeel van de bebouwde omgeving met de functie werken of voorzieningen ligt er dan ook erg hoog. De mensen in deze wijken wonen relatief veel in appartementen en flats en relatief vaak met een korte woonduur, mede door het hoge aandeel studerenden. Er wonen weinig gezinnen met kinderen. De rode en blauwe leefstijl is de meest voorkomende.

Compacte stadswijken

Deze wijken zijn gelegen binnen de ?ruit? van snelwegen in Rotterdam. De bebouwing in deze wijken staat in een hoge dichtheid. Er staan relatief veel woningen met een lage WOZ-waarde, veel meergezinswoningen (gestapelde bouw zonder lift), veel huurwoningen en dan vooral ook een relatief groot aandeel particuliere huurwoningen, en veel kleine woningen. Er wonen relatief veel nieuwe Nederlanders (bewoners met een niet-westerse afkomst, eerste generatie met een verblijfsduur van minder dan 1 jaar in Nederland) en weinig ouderen. De meeste huishoudens hebben een laag inkomen, de hoge inkomensgroep komt slechts in bescheiden mate voor. De gele en groene leefstijl zijn de meest voorkomende.

Groenere stadswijken

Deze wijken zijn gelegen binnen de ?ruit? van snelwegen in Rotterdam. De woningdichtheid is er ook hoog, maar wat lager dan in de stadswijken A, en het aandeel koopwoningen is er gemiddeld genomen wat hoger. Veel woningen zijn ook van voor 1945, vaak gestapelde bouw zonder lift. De WOZ-waarde is er hoger dan in de stadswijken A. Er wonen wat vaker studenten en de midden en hoge inkomens komen er wat vaker voor dan in stadswijken A. De rode en gele leefstijl zijn er de meest voorkomende.

Groene buitenwijken

Deze wijken liggen buiten de ?ruit? van snelwegen of zijn naoorlogse uitbreidingswijken. De woningdichtheid is hier gemiddeld genomen lager dan in de stadswijken. Er staan relatief veel eengezinswoningen, de WOZ-waarde bevindt zich vaak in de middenklasse, en er is een redelijke mix van sociale huurwoningen en koopwoningen. Gezinnen met kinderen komen er vaak voor, waaronder ook wat vaker eenoudergezinnen. Daarnaast is het aandeel ouderen er ook wat vaker oververtegenwoordigd. De gele en groene leefstijl is er het sterkst vertegenwoordigd.

Oude dorpen en gouden randen

Deze wijken zijn een mix van de nieuwste uitbreidingswijken, wijken ?op stand? en ?oude dorpen?. De woningdichtheid is er het laagst, het aandeel koopwoningen, eengezinswoningen en duurdere woningen het hoogst. Er wonen voornamelijk autochtonen, midden en hoge inkomens en gezinnen met kinderen. De blauwe leefstijl is in de meeste wijken relatief sterk vertegenwoordigd, maar ook de gele en groene leefstijl.

definitie

% personen van 65 jr en ouder

Definitie:
aantal inwoners in de leeftijdsklasse 65 jaar en ouder.

Bron 2018: Gemeentelijke Basisadministratie (GBA); bewerking OBI.
Peildatum 1-1-2017.

Bron 2016: Gemeentelijke Basisadministratie (GBA); bewerking OBI.
Peildatum 1-1-2015.


definitie

% paar met kind(eren)

Definitie:
huishouden bestaande uit twee personen en een of meer kinderen, die gezamenlijk een huishouding voeren.

Bron 2018: Gemeentelijke Basisadministratie (GBA); bewerking OBI.
Peildatum 1-1-2017.

Bron 2016: Gemeentelijke Basisadministratie (GBA); bewerking OBI.
Peildatum 1-1-2015.


definitie

% huishoudinkomen laag

Definitie:
gestandaardiseerd huishoudinkomen is het besteedbaar inkomen, gecorrigeerd voor verschillen in grootte en samenstelling van het huishouden, zodat een vergelijkbaar welvaartsniveau wordt weergegeven, ongeacht grootte en samenstelling van het huishouden. Zo worden inkomensniveaus van bijvoorbeeld alleenstaanden en gezinnen beter vergelijkbaar. Aan de hand van de landelijke verdeling van huishoudensinkomens worden lage, midden en hoge inkomensgroepen afgebakend. Daarbij wordt de onderste 40 van de landelijke inkomensverdeling als de groep ‘lage inkomens’ beschouwd.

Bron 2018: Regionaal Inkomensonderzoek (RIO;CBS); bewerking OBI.
Peildatum 1-1-2015. Inkomens over belastingjaar 2014.

Bron 2016: Regionaal Inkomensonderzoek (RIO;CBS); bewerking OBI.
Peildatum 1-1-2014. Inkomens over belastingjaar 2013.


definitie

% bouwjaar tot 1945

Definitie:
woningen met een bouwjaar in de periode tot 1945.

Bron 2018: Woningen-Bevolking Onderzoeksbestand (OBI).
Peildatum 1-1-2017.

Bron 2016: Woningen-Bevolking Onderzoeksbestand (OBI).
Peildatum 1-1-2015.


definitie

% meergezins met lift

Definitie:
woning die tesamen met andere woningen gelegen is in een bouwkundige eenheid en waarvan de toegangsdeur bereikbaar is via een gemeenschappelijke lift.

Bron 2018: Woningen-Bevolking Onderzoeksbestand (OBI).
Peildatum 1-1-2017.

Bron 2016: Woningen-Bevolking Onderzoeksbestand (OBI).
Peildatum 1-1-2015.


definitie

% meergezins zonder lift

Definitie:
woning die tesamen met andere woningen gelegen is in een bouwkundige eenheid zonder ontsluiting door middel van een lift.

Bron 2018: Woningen-Bevolking Onderzoeksbestand (OBI).
Peildatum 1-1-2017.

Bron 2016: Woningen-Bevolking Onderzoeksbestand (OBI).
Peildatum 1-1-2015.